Hoe ziet stadslogistiek eruit?
Stadslogistiek draait om korte afstanden, veel stops en veel handelingen. Dat maakt het anders dan vervoer over langere afstanden. Een gemiddelde bestelauto rijdt in Nederland gemiddeld 16.400 kilometer per jaar (CBS).
Bij stadsritten is het aantal kilometers vaak minder belangrijk dan het aantal stops. Een route van 18 kilometer met 25 stops kan duurder zijn dan een route van 80 kilometer met 3 stops. Niet door de afstand, maar door alle tijd rondom elke stop. Dit heet “service time”. Met andere woorden: de stad rekent niet per kilometer, maar per handeling.
Wat gebeurt er bij een stop;
- Parkeren of een plek zoeken om te laden en lossen
- Uitstappen en deuren openen
- Pakket, krat of gereedschap zoeken
- Lopen naar de klant
- Afleveren, aftekenen of klantcontact
- Terug naar het voertuig
- Opnieuw invoegen in het verkeer
De verborgen kosten van stadslogistiek
De laatste kilometer is vaak het duurste deel van logistiek. Dat komt doordat de last mile veel versnipperde stops heeft. Je brengt geen volle pallet naar een distributiecentrum, maar losse pakketten, kratten, bestellingen of materialen naar tientallen adressen. Tegelijk blijft het volume groeien. Meer kleine zendingen zetten meer druk op de laatste kilometer.
Capgemini schatte dat last-mile delivery 41% van de totale supplychainkosten kan uitmaken (Capgemini). DHL noemt last mile zelfs een van de meest complexe en kostbare fases van bezorging, met cijfers rond 53% van de totale verzendkosten (DHL). Voor ondernemers wordt het dus steeds belangrijker om niet alleen naar het voertuig te kijken, maar naar de kosten per stop.
Rijd je lading of rijd je lucht?
Veel ondernemers kiezen een bestelbus omdat er veel in past. Dat is logisch als je vaak zware of grote lading vervoert. Maar in de stad rijdt een bus lang niet altijd vol.
Stel dat je bestelbus 4,0 m³ laadruimte heeft, maar je gemiddelde stadsroute gebruikt maar 1,0 m³. Dan gebruik je 25% van je laadvolume en rijd je 75% “lucht” rond.
Dat hoeft geen probleem te zijn als je de bus ook voor andere ritten gebruikt. Maar als je dagelijkse stadsritten vooral bestaan uit kleine pakketten, kratten, catering, gereedschap of lichte voorraad, betaal je mogelijk voor meer voertuig dan je echt nodig hebt.
| Laadruimte voertuig |
Gemiddelde lading |
Benutting |
"Lucht" |
| 4,0 m³ |
1,0 m³ |
25% |
75% |
| 4,0 m³ |
2,0 m³ |
50% |
50% |
| 4,0 m³ |
3,0 m³ |
75% |
25% |
| 2,8 m³ |
2,0 m³ |
71% |
29% |
Kleine elektrische bestelbussen bieden vaak veel laadvolume. De Peugeot e-Partner heeft bijvoorbeeld tot 3,9 m³ laadvolume en de Opel Combo Electric tot 4,4 m³. Dat is nuttig als je die ruimte nodig hebt. Maar als je structureel met weinig lading rijdt, is laadvolume niet hetzelfde als efficiëntie (Peugeot, Opel). De efficiënte route is niet de route met het grootste voertuig, maar de route waarbij voertuig, lading en aantal stops goed op elkaar aansluiten.
Wanneer loont een ander voertuig?
Als je efficiëntere stadsroutes wilt plannen, kijk je ook naar het type voertuig waarmee je vervoert. Voor in de stad zoek je de balans tussen wendbaarheid en laadvermogen. In de stad loop je vaak tegen de beperkingen van beide aan: bakfietsen zijn wendbaar, maar voor veel vracht snel te klein, terwijl bestelbussen vaak te groot, duur of onhandig zijn.
Voor wie daar tussenin zit, zijn compacte elektrische werkvoertuigen de oplossing. Qarry biedt met 2.800 liter laadvolume en 250 kg laadvermogen een efficiënt alternatief. Dit type voertuig is extra interessant als je:
- Minder dan 250 kg per rit vervoert
- Veel volume hebt, maar weinig gewicht
- Veel stops in de stad combineert met de noodzaak voor een droge, afsluitbare laadruimte
- Regelmatig met een (half)lege bestelbus rijdt of juist te veel ritten met een bakfiets nodig hebt.
Dat zijn geen universele uitkomsten voor elke ondernemer, maar ze laten wel zien hoe belangrijk de verhouding tussen lading, route en voertuig is. Denk jij dat Qarry wat kan betekenen voor jou? Bekijk https://www.qarry.com/proefrit